|
Kunst- en cultuurroof bestraffen |
|
|
|
19/07/2011 |
|
Naar verluidt is de trafiek van gestolen kunst wereldwijd de derde grootste illegale handelsstroom na de drugs- en wapentrafiek. Bovendien zouden die drie nauw verbonden zijn. België wordt, onder meer door de Franse politiediensten, gezien als dé draaischijf van gestolen kunst. Tijd om kunstroof en de handel in gestolen kunst- en cultuurgoederen te beknotten.
In 2009 werd eindelijk de UNESCO-conventie van 17 november 1970 aangaande de te nemen maatregelen om de import, export en de illegale eigendomsoverdracht van cultuurgoederen te verbieden en te voorkomen, geratificeerd door België. De verplichtingen die uit de conventie voortvloeien, werden echter nog niet omgezet naar Belgisch recht.
Er is geen livre de police, een handelsregister, dat bijvoorbeeld bestaat in Frankrijk, waar handelaars nauwgezet de bron en bestemming van aangekochte en verhandelde goederen moeten noteren. Er zijn ook nauwelijks politiemensen bezig met kunst- en cultuurroof, terwijl in de ons omliggende landen gespecialiseerde eenheden exclusief met dit fenomeen in de weer zijn. Kunstroof is geen prioriteit in ons land.
Dit terwijl er onnoemelijk veel geld omgaat in deze illegale handel. Het is een ideaal terrein om geld wit te wassen. Bovendien verdwijnt er bij elke kunst- en cultuurroof in eigen land een deel van ons cultureel patrimonium.
Daarom is het tijd deze wantoestand aan te pakken. Samen met Bert Anciaux heb ik een wetsvoorstel ingediend waarin deze vorm van diefstal een specifieke straf kan krijgen, evenals de export, heling en namaak van kunst- en cultuurgoederen
Hier kan je mijn wetsvoorstel lezen.
|